HOME         boven                                                                                                        

Naar Overzicht Bergvolk

 

                                          
                                                 Bergvolk 4 - Lientje


Toen onze oudste dochter in de 5e klas van de lagere school zat, zo heette dat toen nog, klas en lagere school, nam ze elke week een kwartje mee naar school. Ja, dat moest, want dat was voor een goed doel. Wat is dat dan, vroegen wij. Weet je dat niet eens, zei ze, demachtvanhetkleine toch! O ja, natuuurlijk. In de 6e klas kwam ze met een intekenlijst thuis, ze mocht nu zelf proberen om mensen warm te maken voor demachtvanhetkleine.

Een goed jaar later verhuisden we naar Winterswijk, en ook daar bleek De Macht van het Kleine bekend te zijn. We kregen bezoek van Lientje. Een kleine bijdehante vrouw van rond de zestig die nog op een fabriek werkte, ongetrouwd was en de gedeeltelijke zorg had voor familieleden.  Ze had ons adres doorgekregen enz. Of we donateur wilden worden, want die geldinning werd nu door volwassenen verzorgd. Eindelijk kwamen we erachter, de Cruquiushoeve, een instelling voor epilepsiepatiŽnten had extra geld nodig voor onderzoek en wat leuke dingen voor de mensen. Wat kost dat donateurschap? Een gulden in de maand, want met kleine bedragen elke maand kon er veel gedaan worden. Vandaar de naam.

Een paar jaar lang kwam Lientje zomer en winter op de fiets naar ons buitenafhuis. Ik vroeg wel eens of het niet handiger was om voor een jaar ineens te betalen, maar dat was niet de bedoeling. De kleine visites bij koffie of fris aan de keukentafel, aan veel meer keukentafels, vertelde ze, maakten het collecteren juist zo leuk. Ze roddelde nooit, vertelde nooit iets slechts over anderen, maar ik hoorde wel veel nieuwtjes van haar. Voor mij was het ook leuk, want ze vertelde goed, en had altijd goede zin, al moest de verzorging van broer en zus best zwaar zijn.

Maar waarom ik haar bewonderde is om iets heel anders.
Ze had haar hele leven in de fabriek gewerkt, was bijna nooit ziek geweest, had weinig verdiend, had weinig vakantie gehad, -dat was toen nog zo- had jarenlang met de collectebus gelopen, en toen ze na meer dan veertig jaar zwaar werk in de spoelerij met pensioen ging, kreeg ze als beloning een lintje van de koningin. Brons. In diezelfde tijd ging na veertig jaar een chef met pensioen, en die kreeg ook een lintje. Goud.  Iemand die 25 jaar in het bestuur van een vereniging had gezeten, kreeg ook een lintje. Zilver. En dat stak. Ze voelde zich ondergewaardeerd.  Ze wist zeker dat wanneer ze een man was geweest, ze ook zilver had gekregen.
Ze stuurde het lintje met oorkonde en draaginsigne plus een zeer duidelijk uitleg erbij, retour.  

Adieu Koninklijke Lientje!
 

omhoog         volgende