logarchief    terug    verder

natuurlog 9   1-15 november 2006

 

Woensdag 15 oktober nee, november! zoals een attente lezeres mailde. Correctie ook rode esdoorn. De minimum temperatuur was het afgelopen etmaal 12ºC en toch lag er vanmorgen een dik pak rood blad onder de boom. 't Zal zijn tijd wel zijn. We hebben het te accepteren!
Rode es            
draaihekje
Dit is het draaihekje in het Bönnink. Duidelijk is te zien dat ik er bijna dagelijks tegenaan duw. Beetje vettig glimmend randje zit eraan, beetje onhygiënisch? Tja, ik druk ertegen met mijn handen, Jachman met zijn buik.

Dinsdag 14 november. In de eerste week van oktober is de maïs geoogst. In andere jaren bleef het land met de dorre stoppels de hele winter braak liggen, volkomen kaal verder, want door de nachtvorsten in oktober groeide er niets meer tussen de rijen. Nu heeft het na de oogst niet gevroren en het land lijkt wel een wei. Het is net of er gras ingezaaid is. Dik en gelijkmatig staat het erop, behalve op plaatsen langs de bosrand waar veel blad ligt. 't Lijkt zo meer op voorjaar dan op herfst.

grasveld na de maïsoogst??

Maandag 13 november. Op de dag dat onze jongste trouwde, 25 jaar geleden, reden we door natte sneeuw, het had al gevroren en het was winters koud. Nu is het 12ºC en er is zelfs nog nauwelijks nachtvorst geweest. De rode esdoorn staat er schitterend vol bij. Zo gauw het op bladhoogte een graadje of twee vriest, laat hij alle blad in één keer vallen.

rode esdoorn    

Op de 2e foto vind ik hem eigenlijk mooier dan op de eerste. Zelfde esdoorn, zelfde minuut. 

Zondag 12 november. We keken even bij de ministuw in de Ratumse Beek bij het retentiebekken naast ons huis. De ribbels op de bodem zijn nog te zien, maar langzaam stijgt het water. Voor vannacht is nog meer regen voorspeld, dus dat is heel goed voor de beuken. We hebben al eens gezien dat het water tot boven de stuw stond. Het bekken begint zich pas te vullen, als de beek te veel water aanvoert voor de kleine doorlaatopening.
 
stuw in Ratumse Beek

Zaterdag 11 november. Rond Winterswijk is er vandaag een slipjacht. De ruiterverenigingen houden samen met de ruitervereniging uit Soestdijk een nagebootste vossenjacht. Het hoosde vanmorgen, maar net tegen de middag toen het feest begon, scheen zelfs even de zon. Het bleef droog.
Een paar sportmensen rennen met een in vossenurine gedrenkte lap, die ze over de grond slepen, voor de meute uit. Ze lopen in cirkels en slingerend dwars door weiden, over braakliggend bouwland, door een bosrand, steken wegen over, en dat moet allemaal wel binnen een half uur voor de meute het spoor oppikt. De lopers worden afgewisseld. Ze weten ook precies hoe de route moet lopen, want daar worden de wegen afgezet door hulptroepen. De kill met pens en andere lekkere dingen was een kilometer verderop, maar de route daarheen liep dit jaar tussen ons huis en het dorp door. Jachman maakte een paar foto's toen ze dichtbij waren.

ruitervereniging uit Soestdijk
Het werd al schemerig om kwart over vier.

Zaterdag 11 november, Sint Maarten. We hebben lang in Groenlo gewoond, een overwegend Katholiek stadje destijds, maar het feest van sunte marten was ook voor onze kinderen een pracht aanleiding om zich even rk te voelen. 's Middags werden er bij een boer drie mangels (=voederbieten) gehaald, die thuis uitgehold werden en een gezicht plus een kartelrandversiering kregen. Als het dan donker werd, kon het kaarsje erin aangestoken worden en trokken alle kinderen tot 12 jaar in groepjes zingend langs de huizen om snoep op te halen. Het was vaak guur en koud. De kindervingertjes waren dan verkleumd en konden nauwelijks de zware koude mangel vasthouden. Dat het zingen wel eens afgeraffeld werd, is logisch.

Het versje ging ongeveer zo:

Vandaag is sunte marten
en morgen is sunte kruk
wi'j hebt nog goeie harten
wi'j sloat ze stuk veur stuk,
hölleken op 'n tölleken
sunte martens kölleken
geef wat, hol wat
geef d'n armen thomas wat.
God zal hem belonen
met honderdduuzend kronen
met honderdduuzend rokjes an
doar kump sunte marten an!

(Corrigeer me als het niet goed is)

Ik ben een eind wezen fietsen om een mangel te kunnen fotograferen, het is tenslotte een natuurlog, maar de mangels zijn verdwenen. Maïs heeft die plaats ingenomen.

 

't Hilgelo

Vrijdag 10 november. Een echte herfstsfeer bij het water. Je denkt dan dat alles en iedereen in vrede met elkaar leeft op zo'n rustige dag. De meerkoeten hebben daar toch minder gevoel voor dan ik. Onder de struiken op de oever is een gevecht op leven en dood aan de gang naar het gekrijs te oordelen. Als we dichterbij komen plonst het vechtende drietal in het water, maar gaat gewoon door. De vreemde meerkoetman moet weg, nu, onmiddellijk! De twee anderen proberen hem samen met geweld onder water te houden. Hij kan los komen, duikt onder en is vrij. De andere twee geven het nog niet op, zwemmen zoekend rondjes, duiken even. Een heel eind verder komt de vreemde weer boven water en onmiddellijk stuiven de twee er weer op af. Dat kan nog lang zo doorgaan. We lopen verder. De morgen lijkt toch iets minder sereen.


 

Woensdag 8 november. Op de pagina Bergmeer 2 staan foto's van de zwanenfamilie op het Hilgelo. Wat is er met ze gebeurd? Van de ene op de andere dag waren de jonge zwanen verdwenen. Dat was begin juli. De ouders hebben nog een paar weken bij de rietkraag waar het nest was rondgezwommen en toen was ook de vrouw verdwenen. De man heeft maanden in die hoek een beetje rondgezwommen, kwam wel op de voerplek bij de camping, maar elke morgen was hij weer bij de oude nestplek in de buurt. In oktober zat er aan de andere kant van het meer ook een solozwaan. Na een paar weken zagen we ze samen zwemmen. Afgelopen vrijdag vlogen ze samen op en sindsdien hebben we ze niet meer gezien.
We hebben het sterke vermoeden dat de jongen gestolen zijn en naar Duitsland of verder verkocht. In de krant stond deze zomer een alarmerend artikel over de roof van o.a. zwanen, die na valse ringen te hebben gekregen verkocht worden. We zien zo vaak nachtvissers -ook met opblaasboten-, dat het me absoluut niet zou verbazen als het ook met deze jonge zwanen is gebeurd.
Ook vorig jaar waren jonge zwanen na een week of vijf opeens weg.

Zondag 5 november. Met de logee al vroeg langs het Hilgelo en door het Bonnink gelopen. Om 8 uur zie je alleen joggers en mensen die hun hond uitlaten. Wij hebben geen hond, en dat is voor honden op dit rondje kennelijk iets vreemds. Ze zien mensen aankomen en gaan dan geïnteresseerd kijken waar hun hond zich verstopt heeft. O, die komt zo nog vanachter die boom natuurlijk of uit de greppel. Leuk! Huppelen, kwispelen, begroeten, spelen, maar waar is nu jullie hond?? Als we doorlopen, is de interesse over, geen hond, wat een saaie mensen.

Als we door de wei langs de beek lopen, zien we in de oever helemaal achteraan een nieuw groot hol. Het lijkt van een vos. Een heleboel geel zand is naar buiten gewerkt en platgetrapt voor de ingang. Twee afdrukken zijn duidelijk te herkennen, de ene van een ree, maar de andere? een vos? Diersporengids erbij genomen: kat of vos. We kiezen voor vos. Goede plek uitgezocht door Reintje. Bij ons wordt niet gejaagd. Even verder ligt een reegeit te slapen achter de kastanje. Ze schrikt wakker en huppelt naar de beek om over te steken naar het bos. Slecht idee, wandelaars met loslopende honden. Op zondag zoeken veel dieren, ook hazen en fazanten, ons terrein op, omdat het hier dan rustig is. 

 

1 november
Tussen de buien door scheen fel de zon op de nu bloeiende grassen. De pollen zijn 8 jaar oud en na een moeilijke start enorm uitgegroeid. 2 meter hoog is de grootste pol. Veel te groot voor onze smalle voortuin. Maar ik hou zo van dat sierlijke buigen in de storm, van de aren als zilver als het geijzeld heeft. Wat ik volgend jaar ermee doe, weet ik nog niet.

 grassen voor ons huis