logoverzicht   terug   verder

  log 18      11 tm 19 september 2008
 

11 september. Gisteren liepen er binnen een half uur drie zwarte torren over de stoep bij de keuken, een heel grote en twee kleinere. Jachman had er vorige week ook al een binnen gezien. De grootste stak zijn achterlijf omhoog en leek wel wat op een minischorpioentje. Ik had vergeten mijn camera op te laden en kon zo gauw geen foto maken.
Op Gardensafari hier  en dan naar beneden scrollen, vond ik onderstaande foto en een beschrijving. Zo zagen wij hem ook.  Het is een kortschildkever, de Stinkende kortschild, die veel in tuinen voorkomt. Ik schat dat het exemplaar dat wij zagen wel 4 cm lang was.

een griezel

12 september. We hebben voor het eerst sinds 12 augustus weer vroeg gewandeld. De vier pinguineenden renden nog precies zo van de camping naar het water als toen. Vlak bij elkaar en rechtop gestrekt. Oneends.
Naast ons huis en dan tot aan de waterval staat nog water in de beek. Als je goed kijkt, zie je het nog heel langzaam stromen. Verderop, in het Bonnink, staan hele stukken droog. De regen, die hier gevallen is, werd kennelijk nog helemaal opgenomen door de bossen, bouwlanden en weiden.
Bij het bospad staat een waarschuwingsbord voor de eikenprocessierups. Bedek armen en benen en ga niet op de grond zitten.

Vanmorgen zag ik op het terras bij de kamer een kleine kortschildkever vliegend een vlieg vangen. Hij ging ermee op een stoel zitten. In 4 minuten had hij hem leeggezogen en liet hij de rest op de grond vallen. Daarna vloog hij zelf weg.

        

13 september. Nu ik die zwarte kortschildkevers ken, zie ik ze vaker. Er valt nog veel te leren! 
Gisteren van Jo ook weer les gehad in het Wenters. Ik lees haar voor wat ik heb geschreven en zij zegt dan, dat je iets niet zó, maar zó zegt in het plat. Plat?? Nou kom ik in het geweer. Nedersaksisch is een Taal. Nu al erkend onder Deel ll van het Handvest voor Regionale Talen en Minderheidstalen, maar in opmars naar Deel lll. Als de Provincie  Gelderland tenminste net zo enthousiast meedoet (= meebetaalt) aan het onderzoek door twee professoren van de Rijksuniversiteit Groningen naar de haalbaarheid van erkenning onder Deel lll als de provincies Groningen, Friesland, Drenthe en Overijssel en de gemeenten Oost- en Weststellingwerf. In De Moespot no 219 van september 2008 doet Lex Schaars verslag van de stand van zaken.  

In het plat zeg je ipv riejen (= rijden) ook vaak veur'n. Komt van paard en wagentijdperk natuurlijk.
Dat doet me weer denken aan een kennis van Jachman die bij ons thuis theorie vliegles van hem kreeg. Hijzelf woonde buitenaf op een grote boerderij met een enorme lap grond. Daarop wilde hij, als hij zijn brevet had, een privéstartbaan aanleggen - als z'n vader eerst maar overleden was. Die zag namelijk het belang van een flink lange startbaan niet in, 'dat kon best wat korter'.  Nee, dat kon niet, had hij zijn vader uitgelegd, want dan zouden de mensen zeggen: Wat veurt dèn weer leege ovver de pöppels! Wat vliegt die weer laag over de populieren.
Veur'n is dus ook vliegen. Dat wou ik er maar mee zeggen.

Zondag 14 september. Wat een mooie dag! Om 8 uur weer een aardig eind gelopen, maar ik merk dat ik bang ben om weer te vallen en kijk dus onder het lopen veel minder om me heen dan ik gewend ben. Gaat wel weer over.
Zoals nu met oostenwind kun je heel goed zien dat de Baumberge, net over de grens in Duitsland, een brongebied voor wolken zijn. Daarboven stijgen grote cumuluswolken op, die vandaag al weer voor een groot deel zijn opgelost als ze hier zijn. De lucht is heel helder diepblauw.

De pot met basilicum die in de bloembak bij de keuken staat, werd de laatste week aangevreten door slakken. Grote gaten in de bladeren en slijmsporen. Geen slak te bekennen als ik de pot onder de kraan hield. Alleen een paar pissebedden kropen er uit. Maar vanmorgen had een joekel van een bruine naaktslak zich kennelijk verslapen en lag nog eventjes rustig zijn snoepreisje te overdenken bovenop de aarde. Ik pak die beesten alleen nog maar aan met de spaghettitang en gooi ze dan met een zwaai over het windscherm in het onkruid langs de beek. Vreet dat maar op! Gooien gaat ook uitstekend met links. Zouden ze eigenlijk de weg terug kunnen vinden? Van de week las ik ergens (bij Gerrit?) dat huisjesslakken een vaste slaapplek hebben. De schrijver merkte de huisjes met een viltstift en had reuze lol als de kleinkinderen riepen, dat nummer 7 weer thuis was.

17 september. We waren even naar onze dochter in Duitsland, die ook nogal eens ongelukkig terecht komt. Niet ongelukkig terechtgekomen is, dat is heel iets anders! Dit keer heeft ze een enkel gebroken. Is dus ook nog eens onthand vanwege de krukken. Met mijn goede benen en één goede hand ging tafeldekken en afruimen heel goed, aan haar mond mankeert niets. En zeiden ze vroeger ook niet zoiets als: een huisvrouw gaat nooit met lege handen naar de keuken?
We hebben met bewondering gezien hoe onze schoonzoon bijspringt om het iedereen naar de zin te maken. Net toen wij er waren werden ze oudoom en -tante. Ik vind de Duitse naam Grossonkel und -tante zeker zo aardig.
Ze wonen dicht bij de Lahn en ik leerde nu dat de bedding niet door die rivier uitgeslepen is, maar dat die precies op de grens loopt van twee aardplaten, één met vooral kalk en de ander met leisteen. Het kraanwater heeft daar een hardheid van 23ºdh en op een paar honderd meter van hun huis hebben ze nog een stuk steile grond waar ijzererts gedolven is.  De bovenlaag van hun tuin bestaat uit klei en wat bij ons op de zandgrond niet wil groeien, doet het daar geweldig, zoals akelei en wilde hyacintjes. Wildjaloers kan ik daarop worden. Maar als ik dan aan het zware bewerken denk, is die jaloersheid snel over.
Carla's tuin in het voorjaar
Onder hun huis en tuin en de wei erachter is mangaan en ook ijzererts gewonnen in vooral dagbouw, maar er zijn ook nog tunnels, die in de oorlog als schuilkelder gebruikt werden. In de omgeving waren ook zilvermijnen, o.a. in Bad Ems de Grube Friedrichssegen.  In de Romeinse tijd werd daar al naar zilver en lood gezocht. Zouden de Oranjes er ook meer van weten? Oraniënstein ligt er tenslotte dicht in de buurt. 

18 september. Sinds maandag denderen de maïswagens weer langs. Er schijnt in sommige percelen een ziekte te zitten, waardoor de opbrengst snel achteruit loopt. Vandaar de vroege oogst.
Toen we gisteravond aan tafel zaten, werd er begonnen aan het perceel hiertegenover. Vreemd, want dat staat er juist superflorissant bij. Ik naar buiten om poolshoogte te nemen. Niks te zien, en toch hoorde ik de maaimachine.  Helder ogenblik: zou er bij ons...? Ja, Bertie was de wei aan het maaien achter onze rug. Echt hooien zal niet meer kunnen, maar tegenwoordig gaat het gras na kneuzen en even aandrogen in een luchtdichte plastic verpakking. 
 Hier nog een foto van rare Duitse schapen achter de tuin van Carla. Ze worden niet geschoren en zien er dan zo flodderig uit.
ik zou me doodschamen, dames
19 september. De maan stond nog hoog aan de hemel toen de zon opkwam. Veel vliegtuigstrepen, net een bekraste lei. De zon scheen net in het verlengde van zo'n streep, zodat er een lange schaduw vooruit viel.

krassen   streepschaduw   dampend hilgelo
Het is toch al herfstig bij het water. Het Hilgelo stoomt. We kunnen gewoon niet wegkomen, zo'n film speelt zich daar voor onze ogen af. Steeds verplaatsen de nevelwolken zich, watervogels verschijnen en verdwijnen, de weerkaatsing van zon en oevers in het water verandert steeds, boeiend.   Ik heb nog geen flatscreen HDTV nodig.