Logarchief  januari   home  maart 

        Logs februari 2013

 


28 februari
De laatste meteorologische winterdag. Mooi, die sombere winter hebben we gehad. De merel fluit al dagen zo hard, dat ik eerst dacht dat het een zanglijster was, zo agressief klonk het, maar die fluit een paar dezelfde riedels achter elkaar en dat doet deze niet. Vanmorgen kon ik hem zien. Hij is zwart, gewoon merel dus. Opschepper.

Ik vertelde al eens, dat op schilderles een zeer ver familielid zit. Zo ver, dat ik er geen naam voor ken. Dat zit zo:
In Canada woont Truus, een zuster van haar schoonmoeder. Die zuster is de weduwe van Jachmans twee jaar jongere broer Jan en is in Winterswijk geboren. Haar tante Truus is dus mijn schoonzus Truus. Mijn kinderen moeten tante zeggen tegen Truus en de man van de schilderes dus ook.
Ik zal Jo eens vragen of zij een naam weet voor zulke verbanden, zij heeft er veel van dat soort en ik geloof zelfs dat ze ook nog een lijntje gevonden heeft tussen haarzelf en mij via diezelfde familie Truus.
Schoonzus Truus heeft een dochter die in Nova Scotia woont met man en kinderen. Die dochter moet dus tante tegen mij zeggen. Ik kreeg van haar vorig jaar een mailadres, maar toen ik dat gebruikte, kwam de mail terug met foutmelding.
Zij is getrouwd met de zoon van een in 1948 naar Schotland gevluchte Oekraïner en hij is in Schotland geboren en heet gewoon Anton, zoals alle Oost-Europeanen en ook Jachmans hele familie.
Ik heb wel hun familie-website gevonden, maar daar word ik bij lezen niet blij van. Ze behoren tot Gods uitverkorenen en dat vertellen ze om de andere zin.
Zeer irritant. Die mensen hebben de zekerheid dat ze het grootste gelijk van de wereld hebben, en daar kan ik absoluut niet tegen.
Toch zijn het heel hartelijke en aardige mensen! Dat maakt de verhouding ingewikkeld. Goed dat ze ver weg wonen.
Als ze eens in de twee jaar hier komen vind ik dat uitstekend, fijn, leuk, enzovoort, als ze me maar niet willen bekeren.

27 februari
Het was een afwisselende dag, verdriet en plezier lagen dicht bij elkaar. Ik hoorde veel verhalen.
Een hilarisch verteld verhaal over onderweg zijn om half 11 's avonds, een auto die niet wil starten vanwege een lege accu, een mobieltje hebben dat thuis ligt, ergens hulp vragen om zoon te bellen, heel laat in bed komen, zich verslapen, en ongeruste buren die bezorgd aanbellen. Om je dood te schamen, zegt ze.   Ach.
Een triest verhaal over een zieke vader die niet meer thuis kan wonen.
Een extra middag schilderen in Bredevoort, met een paar mensen uit andere groepen die een les inhalen. Tijdens de theepauze verhalen over tandartsen, beugels en kunstgebitten. Een markt in een buitenland waar je gebruikte gebitten kunt kopen. Twee mandjes, voor boven- en ondergebitten. Ter plekke te passen. Er staat een bakje water om ze even tussendoor af te spoelen.
Ook nog fijn geschilderd.
Een verhaal over tassen in de garage op de auto leggen, want man zal na zijn werk boodschappen doen. Je kent het vervolg. Om zes uur 's morgens staat vrouw hevig op het balkon te zwaaien naar man die langsrijdt. Die zwaait lief terug. Buurman roept of ze altijd de ochtendgymnastiek zo fanatiek doet.

Als ik net thuis ben, komt Buurvrouw de donateurskaart brengen van haar koor. Binnenkort uitvoering. Ik ga er weer heen, vorig jaar was het een schitterende avond. Nu treden ook de marimbaspelers op die vorig jaar speelden bij het tuinfeest van weer andere buren en die toen zelfs de rondrennende kinderen stil kregen.  Dan nemen we haar zoons en schoondochters door, haar pianovingers en de stevige handen van haar man, en tot slot nog even de zorgen over 'de zorg'.
Dan sjeest ze weg, ze moet nog koken en het is al bijna kwart voor zeven! 

Hans Mellendijk stuurt mailtje met link naar zijn site n.a.v. mijn bericht van gisteren, waarin ik het had over de warme lagune die hier eens was.
13 augustus 2012 schreef hij een gedicht  bij het thema Cicatrizado, dat Litteken betekent.
Afgelopen weekend had hij dat voorgedragen in Hoboken/ Antwerpen tijdens de opening van de foto- en gedichtententoonstelling met die naam. 
Hier   staat het gedicht.
Onze kalksteengroeve als een litteken zien dat achterblijft als de warme lagune verder geschoven is, vind ik bijzonder en mooi, ook die link naar de oude taal, ons dialect. De laatste 2 regels klinken dreigend, maar ik begrijp ze niet goed, vrees ik. 

26 februari
Marieke was terug van vakantie en kwam verslag doen. Nederland is prachtig, ook in de winter. Ze zaten in een huis boven op een duin met aan de achterkant zicht op het polderland en aan de voorkant zicht op zee en langsvarende schepen, wel heel iets anders dan het landschap van de Veluwe.

We hebben er een continent bij! Nou ja, voorlopig is het alleen nog maar een naam, Mauritië, en een paar zandkorrels op Mauritius, en toch is het wereldnieuws. Er is al aardig in kaart gebracht hoe de eerste vaste landmassa's er uit zagen. Dat continent werd Gondwana genoemd. Nu hebben geologen een minirestje gevonden van een afgebroken brok van dat oercontinent. Tien jaar geleden zijn er in de Himalaya al van die zeer oude sedimenten gevonden.
Mijn Winterswijkse geboortegrond lag heel lang geleden aan zee, aan een warme lagune. Dat kan ik me niet voorstellen als ik naar buiten kijk, en resten sneeuw op kale bomen zie. 

25 februari
Ik vind het altijd prachtig als plaats- of streekgenoten ook in het Westen enige bekendheid genieten. Een van die mensen is Hermi Hartjes. In een vorig leven toen ik naar Arnhem of Nijmegen ging voor mijn studie, zag ik haar nog wel eens, en ook later in het dorp nog een enkele keer. Toen trad ze al op samen met Wouter ten Pas, ook een Winterswijker. 
Momenteel treedt ze op in kleedkamer 12 van Theater Carré in het zelfgeschreven verhaal Madame Carré. Wouter is de regisseur. Hermi kent het gebouw tot in alle uithoeken, want ze geeft er al jaren rondleidingen. Op haar site staan filmpjes en alle data en tijden van de optredens. Tot eind mei is ze nog Madame Carré. Hier is haar site.

Heel stom, telkens als ik Madame Carré wil typen  begin ik verkeerd met Madame Cu    en wil typen Curie. 
Niet zo heel verontrustend denk ik dan maar, de beide vrouwen waren Pools, de meisjesnaam van de natuurkundige was Sklodowska, de meisjesnaam van de 'circuskundige' Salamonski.  
Toen ik een jaar of twaalf was, las ik het boek dat de dochter van Marie, Eve Curie, over haar moeder schreef. Dat boek heette Madame Curie. Het leven van die vrouw maakte grote indruk op me. Na al die jaren komt dat door de naam Madame Carré weer boven. Hé, nu typte ik het in één keer goed!  Curie is er nu uit, dàt zal het zijn.

Zondag 24 februari
't Is heel jammer, maar de logees komen niet. Het sneeuwde daar aan het eind van de middag al hard en er was voor vandaag nog meer sneeuw en gladheid voorspeld, ze hadden geen zin om 300 km onder die omstandigheden te rijden. Dat kan ik alleen maar verstandig vinden. Nu komen ze volgend weekend.
vanuit de kamer ziet het er sprookjesachtig uit  

23 februari
Carla en Wolfgang komen dit weekend en dan is het de vraag wat we zullen eten. Ik bel maar even op om te vragen waar ze zin in hebben. Soep en Jachtschotel svp. Fijn, dat kan ik prima van te voren klaarmaken en het is heerlijk. De bedden maken ze zelf in orde, de badkamer en de rest van het huis zijn schoon, ik heb er een makkie aan dus. Maar waarom is mijn boodschappenlijst dan zoveel langer?

Boodschappen. Bijna elke zaterdagmorgen ben ik voor half negen bij de super, net als een heel stel mensen dat ik daar langzamerhand heb leren kennen en die ook die gewoonte hebben.  Mevrouw S. bijvoorbeeld komt in sportoutfit, zij was al bij de sportschool. Straks staat ze in haar eigen zaak, die om negen uur opengaat. Wat ik in de super gekocht heb en zij ook verkoopt, verstop ik met een slecht geweten altijd een beetje onder andere boodschappen. Ik zou haar, die kleine zelfstandige is, eigenlijk moeten ondersteunen, maar dan moet ik de auto ergens weer parkeren, een eindje lopen, en voor dat ene ding is me dat te veel moeite. Misschien biecht ik het wel eens op.     

Dit moet ik even laten zien. Zo'n slim beest!

22 februari
Peter komt weer even langs om te informeren of hij nog iets in de borders kan opruimen, want daar staat veel wat woekert of dood is. 
Dat moet nog maar even wachten, ik heb een ander karweitje. Vorige week kwam er een vrachtwagen de inrit in en ik kon in huis het geluid van knakkende en schurende takken horen. Ik informeerde bezorgd naar de schade aan de wagen, maar dat was een overbodige luxe, zo'n vraag, want als ze de boer opgingen deden ze dat met de oude wagen en die zàt al onder de krassen.
Omdat er ook wel eens grote nieuwe auto's naar binnen rijden, moest de inrit maar eens opgeschoond worden, en binnen een week na die overweging komt de redder er aan. 
De appelboomstomp is eruit, net als de stokoude nauwelijks nog bloeiende klimroos naast het grote raam, verder zijn de drie jonge seringen verplant, en ja, ook de inrit is gesnoeid.
Ik ga nu een nieuwe roos of rozen uitzoeken bij de rozenexpert en dan zal Peter die in de grond zetten. Ik merkte dat hij er niet happig op was om zelf naar de rozenexpert te gaan. Ik vroeg waar hij dan zijn rozen kocht. Bij een handelskweker, waar ik niet kan kopen. Tja, die handelskweker heeft niet de geurende rozen die ik wil hebben.

21 februari
Elke keer als ik bij Bredevoort rij, valt me het wegdek op. Misschien 100 meter voor de oude afslag voel ik het ritmisch bonken van de betonblokken onder het dunne asfalt. Een klein stukje maar, tot 100 m na die afslag, dan begint nieuw dikker asfalt. En elke keer denk ik dan aan de tijd dat de weg witblinkend nieuw was en nog een bezienswaardigheid.

De eerste jaren van de oorlog. Er was geen fietspad, nauwelijks een auto, fietsers konden rustig naast elkaar op de grote weg rijden.  Ik was een jaar of zes, had zelf geen fiets en zat bij mijn moeder op de bagagedrager met m'n voeten aan beide kanten op een 'stepje'. Ik zat weliswaar op een kussen, maar het bonkte toch behoorlijk door. Ik telde elke bonk tussen Miste en Winterswijk. Tot hoever ik kwam met tellen weet ik niet meer.

Als ik er nu rij, denk ik niet: zo meteen begint het doordreunen weer. Toch ben ik bij de eerste stoot 70 jaar terug in de tijd.  Na 70 jaar komt dat gevoel sterk en duidelijk terug. De inhoud van mijn hersencellen is voor een groot deel vernieuwd, net als veel van de cellen zelf, maar zoiets onbelangrijks als dat pijnlijke bonken bij die fietstochtjes is meeverhuisd naar de nieuwe cellen of de nieuwe inhoud van oude cellen. Een wonder.

20 februari
Sneeuwklokjes
De sneeuw is net drie dagen weg en de sneeuwklokjes bloeien nu.

Ik had de uitzending op Radio Slingeland van 6 januari niet gehoord, maar Ab had die op een schijfje en ik mocht dat kopiëren.
Willem Peletier vertelt in de serie Wegwezen over de Jachthuisweg en 't Jachthuis. Aangezien Ab hier geboren is en ik er al meer dan 40 jaar woon, zegt dit huis ons allebei wat. De Jachthuisweg schijnt pas in 1953 officieel die naam te hebben gekregen, maar dat kan ik me niet voorstellen, wij hadden het thuis vroeger nooit over de Molenweg. Wij kenden een Molenpad, nu de Molenstraat, maar dat was een zijstraat van de Koostegge, nu de Spoorstraat, en lag midden in het dorp. Kunt u het nog volgen?
Het kan natuurlijk wel zo zijn, dat de mensen onze weg al langer de Jachthuisweg noemden, maar dat hij officieel nog Molenweg heette.

Ik meen dat de 'Molenweg' zijn rare scherpe hoek met de grote weg heeft gekregen, omdat hij vroeger vanaf Meddo kwam en gewoon rechtdoor over het bouwland liep waar nu het Hilgelo is. Het was zo de kortste weg van de bocht voor de Sevink Mölle naar de Bataafse Molen. Korter, omdat de grote weg een enorme bocht maakt. Met de auto maakt het weinig uit, maar als je het moet lopen, scheelt het een heel eind.
De zandweg liep dan verder en schuin over de grond van Jachman. Sneed ook weer een stukje af. Vandaar dat puntige bosje aan de andere kant van de zandweg dat hier nog bij ons hoort. 

Oude Winterswijkers noemen een andere weg in Winterswijk nog Hilbelinkspad.  Dat was vroeger een half verharde weg die richting boerderij Hilbelink liep. Nu heet die weg, die al lang geasfalteerd is, Laan van Hilbelink. Toch net iets chiquer.

19 februari
Het is vreemd voor me,  dat ik me tegenwoordig niet lang genoeg op een roman kan concentreren om die in een paar dagen uit te lezen. Ik lees wel veel, hier een hoofdstuk, daar een kort verhaal en vooral veel nonfictie. Nu lees ik van Peter Westbroek, De ontdekking van de aarde', het grote verhaal van een kleine planeet. Fascinerend. 
Het begin van een andere kijk op onze aarde. Kerstmis 1968. De eerste bemande reis om de maan. Tien keer cirkelen drie astronauten er om heen. Bij de derde omcirkeling zien ze een beeld dat 'ons wereldbeeld voor altijd zou veranderen'. Ze hadden een kleine koerscorrectie uitgevoerd. Wat ze zagen? Het maanoppervlak dichtbij, kaal, dood, waar ze overheen  keken, en vóór hen kwam achter maan de aarde op, zachtgekleurd en levend. De aarde was het enige ding in de ruimte dat kleur had, blauw met rossig bruin en overal er omheen de wolken als wattenslierten. In één beeld zagen ze het unieke van onze planeet in een doodse wereld.
Het fotograferen van dit beeld was bijna niet doorgegaan omdat ze er geen opdracht voor hadden gekregen, het stond niet in het protocol. Anders probeerde het tegen te houden, maar Borman zette door. Toen zagen Anders en Lovell ook het unieke ervan, zochten koortsachtig naar een kleurenfilmpje, vonden er een, en konden nog net 3 foto's maken, voor het unieke dubbelbeeld voorbij was.
Een week later stonden de foto's op alle voorpagina's en veroorzaakten een andere kijk op onze aarde.
'In 1997 vatte Richard Underwood, ......  de betekenis van Earthrise als volgt samen: Het kwam erop neer dat een stukje film van negentien cent de belangrijkste uitkomst was van een project dat miljarden dollars had gekost'.
kerstmis 1968

18 februari
Net om 7 uur wakker geworden van de eerste lijsterzang van dit jaar en dan nu ook nog  Frühlingsstimmen op de radio! Een te gek begin van de week. 
Het was gistermiddag zulk schitterend  weer dat ik eigenlijk geen zin had om naar het concert(je) te gaan. Als ik donderdag niet tegen Jetske had gezegd dat ik zou komen, was ik niet gegaan.
Het was best gezellig in het dorp. Mensen zaten op terrasjes in de zon, er waren nogal wat wandelaars, je voelde dat de lente er aan zat te komen. Ik kwam de vorige Jachman en Jachmanse tegen en we maakten maar gelijk een afspraak voor komende week. De cursussen van 2 middagen zijn afgelopen en dat geeft me meer ruimte voor leuke andere dingen. 
4 jr oude foto van internet
Er waren niet veel mensen in het DG - kerkje om te luisteren naar Fleur Bouwer - klarinet en Martijn Willers - piano, alles bij elkaar 25. De sfeer was echter net als in een grote huiskamer. We begonnen met een glas wijn of fris, proostten met elkaar en dat maakte het al gelijk ontspannen en prettig.
De jongelui speelden heel goed  vrij onbekende ( voor mij dan) stukken van Robert Schumann, Alban Berg, Joh. Brahms en Debussy. Ze vertelden over ontstaan van de werken, het tijdsbeeld waarin, en andere interessante bijzonderheden. Ook de geschiedenis van de klarinet, bijvoorbeeld de veranderde bouw, de verschillende soorten stemming en de bijbehorende composities kwamen aan bod. Fleur speelde alles uit het hoofd, ook Alban Berg! Willers speelde van blad, maar had het eigenlijk niet nodig. 't Was meer voor 't veilige gevoel, dacht ik.  
Interessant programma. Ben blij dat ik gegaan ben.
 
Na afloop hield een mevrouw me aan, die ik al heel lang van gezicht ken en ze vroeg of ik ook Leidje Berg was, want ze kent mij onder mijn mans naam. Haar broer die verder weg woont, had haar gevraagd of zij een LB kende die gedichtjes en andere dingen schreef, een website had en op Jachman woonde. Ze wist dat ik daar woon, vandaar. Ik kon zeggen dat haar broer het helemaal goed had.

Zondag 17 februari
Gisteren bracht ik een paar dozen met de kranten van een maand weg naar Excelsior en vandaag zocht ik in de schuur naar een nieuwe lege doos.
Ik vang zonder wroeging muizen en mollen in klemmen als ik me kwaad maak, maar deze muis is toch een ander geval. Een tragisch ongeval, geen moord. Het ongeluk moet vannacht gebeurd zijn, want dit doosje heb ik gisteren nog in handen gehad. 
 

16 februari
Alweer een brief van de Gemeente gekregen. Niet over ruilverkaveling dit keer, maar over veiligheid. Geweldig toch dat ze zo bezorgd voor ons zijn! Dat komt omdat we in een landelijke omgeving wonen, zeggen ze. Ze beleggen een voorlichtingsavond voor de bewoners. Na het welkom door de wethouder, komt de wijkagent de criminaliteitscijfers toelichten van 2011 en 2012, en daarna vertelt iemand over de resultaten van het politieteam WOBRA Achterhoek ( het woningen-inbraakteam).
Dan leert iemand ons nog iets over inbraakpreventie en houdt een brandweerman vervolgens een presentatie over de noodzaak van voldoende bluswater in het buitengebied.  Zeer leerzaam allemaal. Of neet dan, zeggen ze hier.

Neet dan! Wel leerzame voorlichting, maar de brief is dom.
Die is een tip aan rondspokers om op die avond hun slag te slaan in de achtergelaten huizen, waarvan de bewoners intussen tips krijgen voor inbraakpreventie en de wijkagent niet rond rijdt. 
Handig.

15 februari
Irene vertelt, Boer midden achter luistert 
Het Doopsgezinde kerkje was gisteravond afgeladen vol met zeker 100 mensen. Al die mensen hadden enorm goede zin toen ze laat in de avond in een flinke sneeuwbui weer buiten stonden. Veel groepjes napraters, veel mensen met een plastic tas met het boek 'De Boer op-  Een plattelands idylle' van Irene van der Aart.
Boer woont in Westendorp. Ze is veel bij hem, al tien jaar, maar heeft ook een plekje in Amsterdam in een woongemeenschap. Ze verstaat langzamerhand het gemompelde of geschreeuwde Achterhoeks, kent De Radstaake, en de kermis die vooral bestaat uit een grote witte tent met bier, worsten en veel geschreeuw, 't vogelschieten, een pop zetten bij 50 jaar worden, en achterom komen. En natuurlijk de visites, waar de mannen en vrouwen in een kring zitten, aan de ene kant alle mannen, aan de andere kant alle vrouwen, behalve de vrouwen die moeten bedienen, echt goed islamitisch eigenlijk.

Ze heeft moeten wennen aan het achterom komen zonder afspraak. Kom je met een slaperige kop in de keuken, wilt alleen maar stilte en een kop koffie, en dan zitten daar al heel wakker de insemineerder, de hooiafleveraar en tante Gerda aan de koffie. En Boer natuurlijk.

Gisteravond was Boer er ook. Van hem heb ik ook een handtekening in het boek. Aardige boer. Even mee gepraat. Heeft de hele wereld bereisd. Komt ook achterom. Waar de achterdeur 'los' is.

Aan het slot van de avond zong Irene een lied voor Boer omdat hij haar Valentijn is. Ze heeft een volle mooie stem. Boer luisterde heel stil.

afgelopen, we gaan naar huis.

14 februari
Bij de post zit een uitnodiging voor de voorlichtingsavond over Ruilverkaveling Winterswijk-Oost, ik woon in dat gebied.
Van de week kreeg ik van een kennis het boek 'Met ut gat in de botter? Het verhaal van Ruilverkaveling Winterswijk-West, 1955-2003'.  Die ging kennelijk niet zo vlot. Zal het nu weer zo lang duren?  Dat is niet waarschijnlijk. We zijn wijzer en verdraagzamer geworden en als gevolg van die prachtige karakterontwikkeling van de Winterswijkers gaan mogelijke belanghebbenden nu om tafel zitten, waarna er na goed overleg en een aantal  besprekingen in korte tijd een oplossing komt waar iedereen blij mee is.
Zo wordt het ongeveer voorgesteld. Land ruilen is echter een heikele kwestie, het gaat niet alleen om grond en geld, maar ook om emotionele waarde. Als de waarde van jouw grond laag geschat wordt, en je familie heeft daar bloed, zweet en tranen liggen, dan is dat moeilijk. Aan de andere kant, veel (oudere) boeren die moeten ophouden met het bedrijf zitten opgezadeld met schulden. Verkopen is moeilijk tegenwoordig. Voor die mensen is er misschien een oplossing via de ruilverkaveling.
De ruilverkaveling in Beltrum, waar we toen dicht op zaten, heeft een kaal landschap opgeleverd. Tegenwoordig gaat het anders. Geloof ik. Hoop ik.

13 februari
Vandaag ben ik aan de beurt om een gedicht voor te stellen dat me aanspreekt. Er is een klein groepje bij de Boekgrrls dat meedoet bij woensdaggedichtdag. Dit is vandaag mijn keus:
<....>
Toen ik nog veel jonger was, las ik het gedicht van Judith Herzberg over oud worden:  'Een kinderspiegel' waarin 'Als ik oud word, neem ik blonde krullen, ik neem geen spataders, geen onderkin, .......'
Aan dat gedicht moest ik denken bij het volgende gedicht, dat het omgekeerde
weergeeft, houden van beaderde Oude Handen.

Het is van Edward van de Vendel en staat in de bundel Aanhalingstekens, Em.
Querido's Uitgeverij B.V. 2000

Oude Handen

Als ik oud ben wil ik oude handen
die, als op de reliëfkaart
van een basisschool
hun gebergte, hun rivieren
durven tonen- Verre landen
waar ik kan wonen.
Ervaren aderen,
vingers met verhalen.
Handen
die ergens waren;
op schouders, om een hart,
in andere handen.
Aan relings, zwaaiend,
aaiend langs de wanden
van een huis ver van hun huis.
Handen wil ik
vol geschiedenis
en aardrijkskunde:
Reizigers, na vele avonturen
veilig thuis.

Als ik naar mijn eigen handen kijk, zie ik ook veel geschiedenis en aardrijkskunde, ze zijn nu veilig thuis.

ik hou hiervan ...en dit is er nog maar één, kun je nagaan hoe twee ......

12 februari
Bij de Studiekring was Tijd het onderwerp. Een half uur is te kort om de vele aspecten hiervan te bespreken, maar in dat korte bestek kwamen er toch nog heel wat voorbij. De inleider had er de vorige nacht wakker van gelegen, denkend: hoe krijg ik het voor elkaar en hoe leg ik het uit.  Het ging uitstekend.
- De overblijfselen uit de prehistorie, die duidelijk maken dat de mensen toen al probeerden grip te krijgen op het fenomeen tijd.
- Tijd bij de oude beschavingen van India en Voor-Azië
- Tijd bij de Egyptenaren
- Tijd bij Einstein, tijd en ruimte, licht en tijd,
- Tijd die terugloopt,
- Wat is ,nu'.
- De relatieve beleving van tijd (Draaisma)

Ik sla de helft nog over. Daarna kwamen de luisteraars met aanvullingen, eigen belevingen en tips voor boeken.

Na afloop bekeken we met een paar mensen de zeer handige bus van de inleider. Hij kan alleen en zonder hulp reizen. Afstandbediening voor de achterdeur en de lift, omhoog gaan en naar binnen rijden met zijn rolstoel tot achter het stuur, alles gaat met handbediening, gasgeven, remmen, alles. Hij kan in zijn eentje overal komen. Heeft zijn werk in de gemeenteraad al snel na zijn ongeluk weer opgepakt, is geen wethouder meer, maar toch enorm druk in de fractie. Een moedig en sterk mens.

11 februari
De 'warkbi'jeenkomst schrieven' was met 11 deelnemers goed bezocht. Om de beurt lezen we dan voor wat we in het Nedersaksisch geschreven hebben. We geven daar eventueel een toelichting op en krijgen vervolgens vragen of opmerkingen van de anderen. Iedereen krijgt alle teksten ook nog eens op papier. Ik zeg nedersaksisch, omdat er al duidelijke verschillen zitten tussen bijvoorbeeld Lochem en Aalten.
We zaten weer gezellig in de kökkene van Erve Kots, de openhaard was aan en de koffie kwam uit de smodde.
De samenstelling van de groep wisselt wel eens een beetje, maar er is een harde kern die er altijd is. Dan ga je elkaar kennen, weet wat ieders specialiteit is, en bent dan totaal verrast als iemand die je redelijk conservatief vindt met een paar maatschappijkritische gedichten voor de draad komt, die hij tientallen jaren geleden maakte.
 Ik vind het wel jammer, dat bij deze bijeenkomsten duidelijk wordt, dat alleen 50-plussers het leuk vinden om hier hun verhalen en gedichten te laten horen.  
Maar de Moespot komt de komende nummers zeker weer vol. Ook mensen die er geen behoefte aan hebben om in zo'n clubje ouwe jongens  -en ouwe meisjes- mee te doen kunnen daar hun verhalen en gedichten in kwijt.
Waarom klinkt ouwe jongens gewoner dan ouwe meisjes? Ouwe jongens onder elkaar, dat kennen we. Ouwe vrouwen onder elkaar dan?  Nee, dat klinkt helemaal erg. Ouwe meisjes heeft iets treurigs, nog erger!

zondag 10 februari
In Groenlo zijn ze heel wat van plan met Carnaval als je het aantal ballonnen afzet tegen het aantal inwoners. Enorme worsten van honderden ballonnen wiebelen al dagen in lange rijen langs de weg die naar Erve Kots leidt. Slingers, lampions, leuke teksten op enorme spandoeken en dito borden verfraaien het stadje.  Vanmiddag om 2 uur begint de optocht. Ik herinner me vooral uit de jaren dat wij daar woonden en wel moesten kijken omdat we anders niet mee konden praten op het werk (Jachman) en in de buurt (ik) bevroren voeten en heel veel lawaai en ongein. Je merkt wel dat zo'n feest als carnaval niet aan mij besteed is. 
Je mocht vroeger het hele jaar niks behalve Grolsch drinken, en op zaterdagavond uit je dak gaan en straalbezopen worden. In de vastentijd mocht helemaal niks, ja, met halfvasten was er een film in het Parochiehuis. The Robe. Ik heb hem wel 3x gezien, denk ik. Feest hoor.
Maar als je toch nog wilt gaan, hier heb ik voor het hele programma de website van  De Knunnekes.
Ik ga een eindje rijden en wandelen. Zon op sneeuw, prachtig. Haas glimt van ondernemingslust. Rent snuffelend over de besneeuwde wei, HAZIN was hier!

9 februari
Weer genoten van Marieke die er al vroeg in de middag was.   Ze bleef heerlijk lang. We aten samen en hebben heel wat afgepraat. Ik geniet daar zó van. De ene keer hebben we meer te praten dan een andere keer, maar ook dàt is dan prima.

's Morgens had ik al koffie gedronken bij een vroegere leraar van haar. Hij en zijn vrouw zaten ook op de geschiedeniscursus en ik kon een boek bij hem komen ophalen.
Vanuit hun kamer keek ik op het huis waar Jachman zijn hele jeugd woonde. Ik had ook al even bij dat huis geparkeerd om naar het raam van zijn kamer te kijken. De eerste keer dat ik daar was, bewonderde ik zijn zelfgebouwde bandrecorder. Hij had die in een kist van zo'n 50 bij 30 cm gebouwd met een ijzeren plaat waar de spoelen bovenop gemonteerd zaten en de apparatuur en de motor eronder.  Het geheel sloot met een deksel bijna net zo groot als de kist. Het was een loodzwaar geval. Maar dat geval werkte wel. Vooral 'Lady of Spain I adore you' door buurjongen Hans Eijkman meegezongen en -getrommeld  was het paradepaardje.
De tweede en laatste keer dat ik daar was, hing mijn foto boven zijn bed. 

Aan zulke dingen dacht ik toen ik voor dat huis stond.  

8 februari
Toen ik een doos van de plank tilde, trok ik een picknickmand vol brieven mee. Alles lag verspreid op de grond. Eigenlijk heel leuk, want je ziet dan weer dingen die je wel kent maar waar je toch jaren lang niet aan gedacht hebt.
Dit bijvoorbeeld. Een beschreven mini bloemenkaartje in een mini envelopje uit 1967.
45 jaar oud briefje.
10x7cm
Ik had de boekjes van Annie Salomons met haar herinneringen aan schrijvers gelezen en toen las ik uit belangstelling ook haar boekje Heilige Stenen. Een verhaal uit toen Nederlands-Indië. Het sprak me erg aan, ook omdat ik van kind af aan al veel verhalen over Indië las.
Ik schreef mevrouw Salomons een briefje om te zeggen dat ik het zo mooi  vond en waarom,  en ik was zeer verrast dat ze direct een kaartje terugstuurde.  Ondertekend met Avan Wageningen-Salomons. Heel aardig van haar! En leuk dat ik het weer even in handen kon houden.

7 februari
Ik weet niet hoe het bij jou is, maar hier in huis staan uit het diatijdperk dozen en dozen vakantieherinneringen. Ik wil ze graag op schijf of stick hebben en keek al eens op internet naar een scanner. Ze zijn er al voor 100 euro of minder, maar die zijn langzaam en bij sommige moeten zelfs eerst de raampjes er af. Echt goede scanners kosten 10x zoveel, dat vind ik echt te veel geld.
Nu kreeg ik van een vriendin het adres van iemand die dat scannen voor je doet, ook nog voor een heel redelijk bedrag, en die dicht in de buurt woont, zodat ik ze er zelf heen kan brengen. Mooi, ik ga nu met m'n kleine viewertje de mooiste dia's uitzoeken en wegbrengen. Het moet maar veel slecht weer worden, want het is geduldwerk.

Nog een geduldoefening: Gisteren ben ik op schilderles begonnen aan een portret. Het is een avontuur, een echte  uitdaging. Als het wat geworden is, over een tijdje of over een tijd, laat ik het zien en als het niks is geworden, gaat het de container in.

Vanmorgen om 7 uur weer eens een zeer heldere maansikkel gezien, smal en groot, in het zuidoosten. Om kwart voor 9 was hij in het zuiden nog te zien als een iel smal streepje. Tenminste als je wist waar hij stond en je je ogen erop instelde. Zulke dingen vind ik mooi. Dat overdag naar de maan zoeken deden we vaak aan het strand in Zuid-Frankrijk. Wie ziet hem het eerst? Die krijgt een ijsje. 

6 februari
Berenklauw en klimop

Deze stengel van de Berenklauw kreeg ik vorige week van een aardige  schildervriendin samen met mandje en een zwaar houten blok om alles stabiel te maken plus berkenbast om het af te dekken.   De droge zaadsprietjes zijn super kwetsbaar en het lijmen van een geknakte spriet veroorzaakte bij een paar anderen een knak door mijn onhandigheid. De lijm plakte zo goed, dat, toen ik mijn vingers van het knakje aftrok, de halve stengel meeging.
Ik overdrijf een beetje.
Toch wel jammer van die takjes, maar hij is nog heel mooi en de klimop begint nu al omhoog te slingeren.
Nieuwe Narcisjes en oude begonia's

Van mijn zus kreeg ik drie potten narcisjes die toen 10 cm hoog waren, maar nu zijn ze .... even meten..... waar is nou de centimeter weer gebleven .... ja, hebbes...... 60 cm! Ze doen het fantastisch. Mooi die twee ramen naast elkaar, de ene is herfstig en je kunt ver weg kijken, de andere is voorjaarsachtig en je kijkt uit op het winterskale terrasje.

5 februari
Je kunt niet zeggen dat ik niet met de tijd meega. Ooit schreef ik al eens over mijn aan elkaar geplakte strijkijzer dat heel heet werd en heerlijk licht was. Dat ijzer donderde een paar maand geleden nog eens weer op de grond.  Ik probeerde instinctief het ding nog te grijpen, verbrandde heel naar mijn duim en toen vlogen toch nog alle onderdelen over de grond. Exit 57 jaar oude ijzer.
Ik had al wel een stoomstrijkijzer maar dat was zonder water te licht en te koud en met water te zwaar maar wel precies heet genoeg. Toch ergernis.
Je begrijpt het al: sinds gisteren heb ik hier een enorme doos staan met een modern stoomijzer, dat stoom laadt ipv water. Dochters waren enthousiast over hun eigen exemplaar, Rianne promootte ook zo'n ding, dus vanmorgen ga ik hem uitproberen.

Was al vroeg wakker, door een onbehoorlijke onweersbui met harde windvlagen en slagregen. Er fietsten (!) nog mensen langs die of naar het werk of naar de trein moesten. Ik deed het buitenlicht aan, zodat ze zagen dat hier mensen wakker waren en ze even konden schuilen. Ze fietsten gewoon door.  

4 februari  7°C
Het was weer een mooie morgen bij Erve Kots met 'Dialect op de koffie'. Joop Hekkelman vertelde over het trieste leven van zijn overgrootvader, die muziek wilde maken, maar op het kleine boerderijtje dat door zijn vader veel te duur gekocht was, moest sappelen om zichzelf, zijn vrouw en dochters genoeg te eten te geven. Het enige wat zijn leven nog een beetje opleukte, was het orgeltrappen in de kerk op zondagmorgen. Dan was hij in ieder geval dicht bij de muziek. Het was niet genoeg. Hij stapte uit het leven.
Verder vertelde hij uit zijn eigen beroepsleven als jurist en communicatiedeskundige bij de overheid waarbij hij ook met boeren te maken heeft. Mooi hoe hij en een zich benadeeld voelende boer volkomen langs elkaar heen praten. Hij, als communicatiedeskundige. Zelfspot.
Na de pauze trad Esther Kämink op met lichtvoetige versjes en verhalen die vaak een wijze gedachte of een draai naar het occulte hebben. Ze is nog jong, net 29 geworden en veruit de jongste in de zaal.

Uit de nalatenschap van Aloys Terbille uit Vreden (D) kocht ik de bundel  'Welldage', gedichten in het plattdütschk. Hij was leraar en overleed in 2009. Is van 't zelfde jaar als ik. Dick wees me erop en las me een gedicht voor dat hem aansprak en mij ook:

              Nich een Woord

     Van alls häs mien vertellt, Vader,
     van 'n Krieg un de Soldaotentied.
     Van de Bommen un dat groote Föör,
     van de Trümmerbarge un van all
     de Dooden in Köln un Dresden.

     Van alls häs mien vertelt.

     Ampatt toch nie een Woord
     van den Jungen ut use Straote.
     Bie 't Kinnerspöll in usen Hook
     daor höörn he noch debie.

     Ick weet nix mehr devan,
     wo wi metneene spöllt häbbt.
     Wi wadden noch so kläin.

     Kin Woord häs mi van säggt,

     waor at de blewwen is,
     den Naoberjungen, domaols.
     Kin Woord häs mi van günnt.

     Vader, kin Woord van denne,
     de nich groot weern droff.
                            ***

Dit gedicht is hem door veel Duitsers niet in dank afgenomen.

Zondag 3 februari
Gisteren naar de expositie van Kantcho Kanev en zijn vrouw  Margarita Pueva  geweest. Hij met schilderijen en zij met bronzen beelden en objecten.
Nu ik er aan terugdenk, zie ik in gedachten vooral bij hem veel grote grijze vlakken met hier en daar kleurige vegen. In de toelichting staat dat hij veel symboliek verwerkt, die tot duizenden jaren teruggaat.  Ik kon in de vage strepen en klodders weinig symboliek ontdekken. Zelfs niet in het schilderij van 63.000-.
De zeefdrukken op geschept papier ( ja, ja, 200 grams!!) vond ik veel mooier. Daar herkende ik ook wel weinig symbolen in, maar de kleuren waren mooier en dan heb ik langer geduld om er naar te kijken en er iets in te zoeken, dan wanneer iets overwegend grijs is.
Later keek ik op internet naar galeries die werk van hem hebben. Daar hangt vooral kleurig werk. Waarom in Winterswijk dan zoveel grijs? Symbolisch?    
De bronzen van Margarita Pueva vond ik mooi, bijna alle bronzen.  Haar objecten zijn kleurig en vaak grappig.  Bijna allemaal vrouwen en meisjes. Haar schilderijen zijn ook kleurig en leuk. 
Het echtpaar komt uit Bulgarije, zij woont in Düsseldorf en heeft haar atelier in den Haag, hij woont nu 20 jaar in Nederland.
Kijk hier voor een indruk. De deftige heer met microfoon en mooie stropdas is de Ambassadeur van Bulgarije. 

Bij de Tricot thee gedronken en met de vrijwillige medewerksters gepraat. Later kwam er een echtpaar bij zitten waarvan de man ook bij de studiekring is. Samen  komen ze vaak naar de dialectbijeenkomsten. Een heel goed gesprek gehad over verschil in beleving van platteland en stad. Twee van de vijf hadden lang in steden gewoond, woonden nu hier. De ene vond het een verademing, begon hier pas te leven, de ander werd gek van de rust, en nog meer van al dat groen. Maar ja, de liefde hè?  

2 februari
Maria-Lechmissen, zei Jachmans grootmoeder. Een belangrijke dag, want dan is het 's avonds al weer een uur langer licht.

Een mooie dag gehad met Marieke en Ton die er 's middags al bijtijds zijn, die m'n lievelingsdrank meebrengen en een grote bos prachtige tulpen.  Gelukkig smaakt de hutspot met zelf gesneden wortels en lamskoteletjes ( met k tegenwoordig ???)  prima.  We hebben het goed met elkaar en ik zwaai ze 's avonds met een warm en dankbaar gevoel uit.
                                 Bij de slager vroeg ik eerder op de dag of hij klapstuk had, want ik zag het niet in de vitrine liggen. 'Ja hoor,  het ligt daar vooraan.' Hij wees naar een schaal met een paar dunne magere lapjes met een miniem randje vet.
'Klapstuk is toch een dikker stuk vlees en met een duidelijke vezel?'
'Ja, maar dit is toch echt wel hetzelfde. We noemen het tegenwoordig magere runderlap. Kijkt u maar, het staat op het kaartje. Klapstuk zegt niemand meer iets.'

'Het staat op het kaartje.'  O, dus daarom is het hetzelfde?  Ik voel me voor de gek gehouden. En oud. Dat vooral.
Dat laatste wordt gelukkig snel minder als het me lukt om nonchalant en zonder schutterig gehannes vlot met m'n pinpas te betalen. 
Van het miezerige magere lapje trek ik een toch wel lekkere bouillon, waar ik later de groenten en aardappels in kook.   Ik zal het echter nooit klapstuk noemen! Zijn ze nou helemaal! Mevrouw Wannée zou zich omdraaien in haar graf!

1 februari
Mooie les gehad over de verdeling van de markegronden omstreeks 1850. Het deel marke in de benaming komt van het oude woord 'marca', dat grens of grensgebied betekent. Denk ook aan het woord 'markeren'. Die woeste gronden die gebruikt werden door landeigenaren om vee te weiden, plaggen te steken, hakhout te kappen enz, werden in 1850 verdeeld. De sleutel was: per 1 ha land die hij al bezat, kreeg de nieuwe eigenaar 7 ha woeste grond erbij. Er was nog geen kunstmest, dus sommigen waren er niet eens zo happig op, wat moesten ze ermee doen?  In één van de buurtschappen verkocht een boer zijn aandeel van 300 ha woeste grond voor 25 gulden aan een ander. Niet lang daarna kwam de kunstmest in gebruik. Tja, weet alles maar eens van te voren. 

We lazen ook een paar bladzijden uit het dagboek van ene Te Winkel, die het bijhield vanaf zijn jeugd tot een jaar of 60(?)
De zakelijke dingen en de gewone dagelijkse gebeurtenissen schrijft hij nauwkeurig maar stilistisch niet zo handig op. Voorbeeld van september 1847:
Den 2 begon het wat te regenen tot nog toe was in Kotten & Brinkheurne
het spuirie en knolzaad niet opgegaan vanwege de droogte Was het in Augustus droog & heet met September werd het koud en nat
Den 24 is A Rensink gestorven
De bestelling bleef nog zeer slap weinig
Den 27 begonnen wij den 20sten brand te stoken en kreeg den 30 nachts te 12 uur gaar.

'De bestelling' slaat op de steenbakkerij die hij begonnen is naast zijn landbouwbedrijf. Na een paar mislukkingen komt de zaak op gang, maar door de grote armoe van de mensen, -misoogsten, honger, hoge prijzen voor voedsel- verkoopt hij weinig stenen. Hij heeft het hier dus over de 20ste keer dat hij stenen bakt, maar dat bestellingen uitblijven. 

Ergens verderop vertelt hij over zijn zoon die in een andere buurtschap ook met een steenbakkerij begonnen is, en wél stenen verkoopt. Hij vermeldt dat met een heel klein beetje afgunst.  Het is ook niet leuk, die jongen heeft het vak van hem geleerd en is nu zijn concurrent.