Naar overzicht Schrijven

                                    
                                  Schrijven 22 - Zevende hemel

"Zo dame, kom verder."
- Gelukkig, ik dacht altijd.....-
"Nee, zo ouderwets zijn we niet meer, je kunt rustig even in de wachtkamer gaan zitten."

Rustig? Ik had heel wat om me zorgen over te maken. De heer in witte pij verdween achter een gordijn en ik probeerde te begrijpen wat er allemaal met me gebeurd was de laatste uren.

Maar gelijk klonk er uit een luidspreker ergens boven m'n hoofd: "We gaan beginnen! Denk goed na voor je antwoordt!"
Ik dacht, als het z gaat, kan ik het wel een beetje mooier maken. Maar onmiddellijk zei de stem: "Dat zou ik maar niet doen, het schaadt je verdere behandeling!
Vraag 1: Waar was je op 20 april 1936? "
- Dat kan toch niet waar zijn, hoe weet u dat ik die dag geboren ben?-
"Laat het stellen van vragen maar aan mij over, geef antwoord."
- Nou, ik lag thuis in m'n wieg-
"Nee, daarvoor, je bent om 1 minuut voor middernacht geboren, waar was je op 20 april 1936?"
- In m'n moeder, en die was thuis.-
"Heel goed, maar wt je dat of veronderstel je dat?"
- Ik heb het van haar gehoord, dus ik wt het.-
"Nee, je neemt aan dat het zo was, maar zelf weet je het niet.
Vraag 2: Waar was je op 14 december 1951?"
- Dat weet ik precies, op de ijsbaan. En ik zal maar gelijk uw volgende vraag beantwoorden, daarvr was ik naar de verjaardag van mijn tante geweest.-
"Niet zo aangebrand zijn, juffie, ik wou vragen waar je daarn was!"
- ................-
"Zeg het maar, dat horen we graag hier."
- In de zevende hemel.-
"De bedoeling van deze uitspraak is goed, maar de uitdrukking is een leugen. Hoelang bleef je daar volgens jou?"
- Met onderbrekingen en terugval in diepe ellende, tot nu toe, mag ik wel zeggen.-
"Nee, dat mag je niet! Het is ongepast om zo lichtvaardig over de zevende hemel te spreken. Daar verblijft men of men verblijft er niet. Zo'n beetje heen en weer fladderen is er niet bij, begrepen?"
- Ja.-
"N! Je begrijpt er geen donder van. Lieg niet. We gaan maar verder.
Vraag 3: Wat kom je hier doen?"
- Ik moest me hier melden, maar verder weet ik het ook niet. De voorlichting was niet geweldig.-
"De voorlichting is perfect geweest! Las je moeder je niet voor uit de kinderbijbel, ben je niet naar de zondagsschool geweest, heb je niet naar de EO gekeken? Nou?"
- Ja. Maar dan wt ik toch niet of het allemaal waar is wat ze vertellen?-
"Hmm, eh, weet je dat je geboren bent?"
- Ja-
"Weet je dat je leeft?"
- Nee-
"Wat nee, wt je het niet of lf je niet?"
- Ik wt niet of ik leef of niet leef. Ik denk eigenlijk, dat ik niet leef.-
"Nou, erg slim ben je niet. Je hebt ook nog al wat steken laten vallen tijdens je leven. Je bent naar aardse begrippen zo dood als een pier, zoals jullie abusievelijk zeggen. Maar je mag hier toch wel binnenkomen, we hebben nog wel ergere gevallen binnen gelaten. Eerste deur rechts als je de gang opkomt, juffrouw Annie, derde hemel, zij zal je de eerste beginselen bijbrengen. Over ... laten we zeggen vierentwintig uur, aardse tijd, je hebt een horloge? meld je je weer bij mij voor de overhoring."
- Met wie heb ik eigenlijk gesproken?-
"Dat doet er nu even niet toe. Denk maar in de richting van je eigen ik. Wees niet bang, kijk goed om je heen, luister naar juffrouw Annie, en dan zullen we wel zien of je in de vierde hemel mag komen."

Met deze vreemde woorden en beelden in mijn hoofd kwam ik bij uit de narcose.

(dit was een schrijfopdracht nav de laatste regel)