HOME

De Gastschrijver is Riet, zus van Leidje

 

Sinterklaas. 

Het moet in 1935 zijn geweest.
Tante Cor was een zus van mijn moeder en woonde bij haar ouders, Opa en Opoe. Ze had een jaar eerder een auto gekocht en dat was in die tijd iets heel bijzonders, zeker voor een vrouw.
Ik vond die auto iets waar ik me mee moest bemoeien. Hij stond gestald in een nabijgelegen garage en Opa had zichzelf aangesteld als wasser. Ik mocht dan `helpen`, wat eruit bestond om spons en zeem mee te nemen naar de garage bij onze wekelijkse poetsbeurt.

Al heel snel loodste Opa me dan een van de kleine `kantoortjes`in , die  in de garage dienden voor onduidelijke werkzaamheden, met de smoes, dat ik al geweldig geholpen had, dat hij het verder alleen wel afkon en dat ik maar een poosje moest gaan tekenen. 

Tante Cor had als onderwijzeres elke woensdagmiddag vrij en dat was een hoogtepunt van de week. Moeder, Opoe en tante Cor gingen een middagje winkelen en ik moest mee naar Arnhem, Enschede, of Zutphen.  Dat waren de favoriete plaatsen, hoewel ook af en toe Bocholt en Münster in Duitsland op het programma stonden. Ik vond het vreselijk, was nog geen kilometer na vertrek al misselijk en in de winkels zag ik niks van wat er uitgestald was, omdat ik te klein was om op de schappen te kunnen kijken. 

Het moet in de Sinterklaastijd zijn geweest, dat we weer eens naar Enschede gingen. Winkel in, winkel uit, vooral de Hema en V en D stonden altijd op het programma. Maar wat een verrassing! Sinterklaas was er…. Hij zat op een soort troon in de winkel, een stapel pakjes naast zich en een stel pieten om zich heen. Ik mocht Sinterklaas een handje geven, zei Opoe…… als ik durfde. Dat durfde ik wel en vol vertrouwen liep ik op de goedheiligman af. De begroeting was boven verwachting. `Zo meisje, fijn dat ik je zie: Kom maar op mijn schoot zitten en vertel eens….Hoe heet je?`

Dat op schoot zitten vond ik niet geweldig, maar ja, als Sinterklaas het zegt….. Het voordeel was, dat ik hem eens goed kon bekijken. Wel mooi met die rode mijter en die witte baard met krulletjes.

Ik zal wel een cadeautje hebben gekregen, maar daar herinner ik me niets meer van. 

De rest van de middag was zeer gedenkwaardig. Op de terugweg kwam moeder tot de ontdekking, dat ze vergeten had om iets te kopen, dat nodig was voor de jurk, die ze zou maken. Maar dat was geen probleem, want we konden terug in ons dorp wel even bij De Duif `aangaan`. In die tijd de winkel van sinkel. 

Zo gezegd, zo gedaan. Tot mijn stomme verwondering bleek in deze winkel Sinterklaas ook aanwezig te zijn. Hoe kon dat nou? Daarnet had ik hem nog gezien in Enschede. Kon hij vliegen? Ik durfde het niet te vragen.  

Thuis werd vader en opa uitvoerig verslag gedaan van onze tocht en toen de 2 sinterklazen aan de beurt waren, zei moeder, dat sinterklaas een heel bijzondere man was, die alles kon en dat het voor hem heel gewoon was om overal tegelijk te zijn.

Maar ik had bij hem op schoot gezeten en goed gekeken. De sinterklaas bij De Duif had een grijze baard zonder krulletjes en zijn mijter zag er ook heel anders uit dan in Enschede. Dat klopte niet. Maar de grote mensen zeiden, dat ik wel niet goed gekeken zou hebben. Ik wist wel beter.  

Vanaf dat moment heb ik altijd een heel dubbel gevoel overgehouden over Sinterklaas, die er telkens anders uitzag. De term `hulpsinterklazen`kende men toen nog niet. 

Het was nog maar een paar jaar later, ik was denk ik 7 jaar, toen ik mijn geloof in Sinterklaas helemaal verloor. Ik had  al lang rondgelopen met de vraag: bestaat-ie nou wel of bestaat-ie niet? Voor alle zekerheid heb ik gewacht met die vraag tot Sinterklaas weer goed en wel naar Spanje was vertrokken. want je kunt tenslotte nooit weten………………Maar toen durfde ik eindelijk te vragen: 'Bestaat Sinterklaas wel of niet, eerlijk zeggen'.  Moeder heeft de waarheid, die ik eigenlijk al wel kende, met tegenzin verteld, maar zei er direct achteraan: `Denk erom, niks tegen Tineke (mijn vriendinnetje) zeggen, want zij gelooft nog wel aan Sinterklaas. Beloofd? ' 'Ja hoor'. 

Maar ik was zo vol van dit grote nieuws, dat ik mijn vlot gegeven belofte meteen vergat en naar Tineke holde. Zij was met haar moeder in de keuken en ik viel meteen met de deur in huis: `Zal ik je eens wat vertellen? Sinterklaas bestaat niet, ik weet het zeker, moeder heeft het zelf gezegd'. 

Naderhand heeft Tinekes moeder me verteld, dat ze me ter plekke levend had willen villen.